|
op de Overheek |
Plaats de cursor op de foto van uw keuze voor meer informatie...![]() Hierdoor groeide langzaam maar zeker de behoefte aan een eigen molen. Gelet op de hoge ligging van ons dorp moest dat ook zéker kunnen!! De meest geschikte plek voor een molen werd gevonden nabij de viersprong op de Overhekerheide aan de noord-westelijke kant van het dorp. Op 16 juli 1878 gaf de gemeenteraad haar fiat aan Anna Gertrudis Stienen, weduwe van Godefridus van Driel, landbouwer in Nederweert. De bouwplaats kocht zij vervolgens van Christiaan Jacobs, landbouwer op de Overheek.
De opdracht voor de bouw van de molen werd in 1878 gegeven door Anna Stienen (Maria Stienen volgens het kadaster) en Jan Mathijs Ament, molenaar in Stramproy. Zij werden ieder voor de helft eigenaar.De stenen bergmolen die een jaar later werd opgeleverd was traditioneel gebouwd met twee koppels stenen. De molen stond bijzonder goed in de wind en bood een prachtig uitzicht op de zuidhelling van het Geuldal. Het molenaarshuis en het vroeger daarachter gelegen magazijn en stallen dateren uit 1920. De overige woningen aan de Overhekerweg werden pas in het begin van de jaren dertig van de vorige eeuw gebouwd. In 1891 werd de molen verkocht. De nieuwe eigenaren werden: Martin of Martinus Hubertus van Driel, gehuwd met Maria Joanna Meens, molenmaker en koffiehuishouder in Klimmen, en Jan Hendrik Hubertus Horsmans, landbouwer in Klimmen. Waarschijnlijk is Horsmans geen deelgenoot geweest of heeft zich kort na de koop teruggetrokken. Het echtpaar van Driel-Meens bleef eigenaar tot 1915. Op 20 augustus van dat jaar verkochten zij de molen en het erf voor 5600 gulden aan de gebroeders Hendrik en Bernard Braakhuis te Hulsberg. De omliggende percelen bouwland bleven eigendom van Van Driel en Ament. De gebroeders Braakhuis, afkomstig uit Tubbergen (Ov.) en als militair gelegerd geweest in Maastricht, hadden in 1910 in Hulsberg een motormaalderij gesticht. In datzelfde jaar vroeg Hendrik Braakhuis vergunning aan Gedeputeerde Staten om in Hulsberg langs de provinciale weg Valkenburg-Amstenrade een windmolen te bouwen. De bouw van deze molen heeft echter nooit doorgang gevonden.
In 1916 kwam Bernard Braakhuis in het volledige bezit van onze windmolen. Zijn broer Hendrik werd in 1923 eigenaar van de windmolen van Wolfshuis. Beide molens werden opgeknapt door de Brabantse molenmakers Harrie en Hein van Aspert uit Heeswijk-Dinther. Zij onderhielden in latere jaren ook de windmolen van Klimmen. In 1923 verkocht Hendrik Braakhuis zijn maalderij in Hulsberg aan Bertje Ritzen. De maalderij van de firma Ritzen bleef tot 1967 bestaan maar werd op 8 augustus van dat jaar door een brand in de as gelegd.Tegenslagen bleven ook Bernard Braakhuis in Klimmen niet bespaard. Zijn drie-jarig zoontje werd door de klap van een molenwiek van de molenberg geslingerd en liep blijvend hersenletsel op. Later kwam een boer door de klap van een molenwiek zelfs om het leven. Tijdens een zware sneeuwstorm op 27 december 1941 sloeg de molen op hol. Hierdoor brak de as en stortte het gevlucht op de grond. Gelukkig had de molen indertijd twéé koppels 17-er kunststenen. Het linker koppel werd door de wind aangedreven en het rechterkoppel had een elektrische aandrijving! Men plaatste een regenkap op de romp en het malen werd elektrisch voortgezet. In de laatste oorlogsjaren werden op initiatief van de "Vereeniging De Hollandsche Molen" door Chr. van Bussel uit Weert en de molenbouwer Hub Adriaens eveneens uit Weert nog pogingen gedaan om de molen te restaureren. Deze pogingen hadden geen succes vanwege de hoge kosten en het gebrek aan gebruikte zware molenonderdelen zoals een molenas, roeden, kruiwerk, windpeluw, voeghouten, penbalk en dergelijke. Gedurende de laatste dagen voor de bevrijding in 1944 werd de romp door Duitse soldaten als uitkijkpost gebruikt. Dit werd door de Amerikanen opgemerkt, waarna zij de romp met kanonnen beschoten en beschadigden. In 1953 werd hij in opdracht van de "Bescherming Burgerbevolking" gerestaureerd, verhoogd en deed vervolgens nog tien jaar dienst als oefentoren. Bernard Braakhuis overleed in 1954 op 75-jarige leeftijd. Na de inboedelscheiding in 1959 werd Maria Henrica Braakhuis eigenaresse. Vanwege de algehele teruggang van het maalbedrijf en het toenemend gebruik van fabrieksveevoer besloten de kinderen Braakhuis het bedrijf per 1 april 1966 op te heffen. In september 1991 werd de molensteen verwijderd en sindsdien is de romp helemaal leeg... ![]() Duizend jaar Klimmen 968-1968, Emile Brouwers De molens van Limburg, P.W.E.A. van Bussel Dhr. Alfred Disch, historicus te Maastricht
|
|||||